Persbericht: Yannick Lataster stopt als gemeenteraadslid!

Onderstaande brief is op 2 december 2016 verzonden aan de gemeenteraad en het college van B&W van Kerkrade:

Geachte leden van de gemeenteraad, voorzitter,

Het zal niemand van u ontgaan zijn dat er sedert enige tijd controverse is ontstaan rondom mijn persoon. Controverse die ik niet wenselijk acht en waar ik niet om heb gevraagd en waarover ik u middels dit schrijven graag wil informeren. Ik hecht er namelijk waarde aan om u als collegae en als hoogste orgaan binnen de gemeente te informeren over de feitelijke gebeurtenissen die geleid hebben tot de ontstane situatie en de overwegingen die geleid hebben tot dit schrijven.

Begin september werd ik onaangenaam verrast. In een gesprek met de afdelingsvoorzitter werd mij te kennen gegeven dat er binnen de fractie onvrede bestond over mijn handelen. Waar deze onvrede uit bestond kreeg ik niet te horen en weet ik tot op de dag van vandaag niet. Ik heb hierop laten weten dat ik graag direct het gesprek voer met de collegae waar deze onvrede zou heersen. Zelf ben ik namelijk overtuigd van de kracht van het gesprek als middel om eventuele problemen op te lossen. Tijdens de fractievergadering die dezelfde avond plaatsvond werd echter duidelijk dat men geen behoefte had om middels voorbeelden de gedane uitspraken te onderbouwen en dat er geen behoefte was aan een gesprek. Zelf heb ik meerdere malen de uitnodiging voor gesprek gedaan tijdens deze vergadering. Ik ben echter enkel onder druk gezet om mij binnen een aantal dagen te beraden op mijn positie, waarna de vergadering afgerond is. Verrast en geschokt heb ik vervolgens de vergadering verlaten.

Mijn verrassing en geschokte rechtsgevoel vloeiden voort uit de volgende feiten: Op de eerste plaats was en is er nog steeds voldoende steun voor mij binnen de CDA fractie. Ten tweede, er heeft geen officiële stemming plaatsgevonden omdat van de (toen) drie fractieleden slechts één persoon aangaf het voorstel te steunen; laat staan dat ook maar werd voldaan aan een van de stappen conform de procedure binnen het CDA om iemand uit de fractie te zetten. De regels van het CDA zijn zelfs aan de kant geschoven omdat er ‘eigen’ regels zouden gelden. Op de derde plaats is er op geen enkele wijze sprake geweest van een escalatie tijdens de betreffende fractievergadering zoals wel naar buiten is gecommuniceerd door mevrouw Housen. De vergadering is ordentelijk verlopen en er is geen sprake geweest van onbetamelijk gedrag.

In mijn reactie op het verstrijken van de eenzijdig opgelegde termijn van beraad heb ik laten weten mij niet in het geschetste beeld te herkennen en iedereen opgeroepen om alsnog het gesprek te voeren. Een oproep die, ondanks enkele herhalingen in de daaropvolgende dagen, op een resoluut nee kon rekenen. Op 13 september jl. is aan u als gemeenteraad, de leden van CDA Kerkrade en de pers medegedeeld dat ik per direct geen deel meer zou uitmaken van de CDA fractie. Een mededeling die feitelijk onjuist was en is, en nog steeds, ondanks herhaaldelijke verzoeken, niet is gecorrigeerd evenals de mededelingen over escalatie, stemmingen e.d.. Vanaf dat moment spelen er mijns inziens twee aspecten. Het eerste aspect is de vertrouwensbreuk die niet gemotiveerd wordt en waarbij het onduidelijk blijft welke redenen/belangen hieraan ten grondslag liggen. Hierover zou het gesprek gevoerd moeten worden zodat er duidelijkheid komt en aan een oplossing gewerkt kan worden. Het tweede aspect betreft het naar buiten brengen van feitelijk onjuiste informatie. Feitelijk onjuiste informatie die ik graag gecorrigeerd zag om verwarring bij de burgers en de collegae te voorkomen. Dat dit tot op de dag van vandaag nog steeds niet is gebeurd, legt de moeizame relatie van een aantal mensen met de waarheid bloot.  

In de daaropvolgende weken hebben leden van mijn partij (lokaal, regionaal en landelijk) pogingen ondernomen om te bemiddelen. Ik ben ze hiervoor zeer erkentelijk en waardeer alle inspanning die ze hebben verricht om een gesprek te entameren. Helaas hebben ook deze interventies niet geleid tot een gesprek omdat mevrouw Housen dit steeds weigerde. Met het naderen van de raadsvergadering van september en de constatering dat mevrouw Housen noch de afdelingsvoorzitter geen verantwoordelijkheid nam voor het corrigeren van onjuist handelen, heb ik een advocaat in de arm genomen om zodoende nogmaals de feitelijke situatie uit te leggen en te vragen om de onjuiste informatie voor de raadsvergadering te corrigeren. Aangezien een reactie uitbleef heeft mijn advocaat vervolgens, enkele uren voor de raadsvergadering, de voorzitter van de gemeenteraad op de hoogte gesteld van de feitelijke situatie. Het belang dat ik aan deze ‘feitelijkheden’ hecht komt voort uit mijn overtuiging dat acteren op onjuiste gronden alleen maar voor meer onduidelijkheid zorgt en daarmee geen recht doet aan het werk dat verricht moet worden. Daarnaast geldt voor mij dat ik gekozen CDA raadlid ben en dat ik mijn stem namens het CDA uitbreng in de gemeenteraad.

Vervolgens heb ik in de weken na de raadsvergadering van september mijn zelfverkozen stilzwijgen verder in acht genomen om mijn pogingen om een gesprek te organiseren, al dan niet onder leiding van een externe mediator, niet te frustreren. Nadat eind oktober bleek dat mevrouw Housen op geen enkele wijze te bewegen was tot een gesprek, heb ik besloten mijn stilzwijgen te doorbreken en eenmalig de media te woord te staan. Deze keuze was mede ingegeven door de eenzijdige beeldvorming die in de media werd gepresenteerd bij monde van mevrouw Housen en die beschadigend was voor mijn persoon, niet alleen op politiek vlak.

Mijn insteek in de afgelopen weken is steeds geweest om via gesprekken deze interne situatie te bespreken en op te lossen. Door de media niet te woord te staan, een eigenstandig stilzwijgen in acht te nemen en steeds opnieuw de betrokkenen uit te nodigen voor een gesprek, had ik gehoopt dit te bereiken. Helaas hebben mevrouw Housen als ook de afdelingsvoorzitter ervoor gekozen om vanaf het begin via de media te communiceren en daarbij verwijten en beschuldigingen rond te strooien. De schade die dit heeft veroorzaakt voor het CDA als partij en het aanzien van de politiek in zowel Kerkrade als daarbuiten vind ik zo mogelijk nog triester dan de schade die ik zelf heb opgelopen. Al heb ik de ongegronde beschuldigingen waartegen ik mij heb moeten verdedigen ook als een dieptepunt ervaren. Het is pijnlijk als je in verband wordt gebracht met onverkwikkelijke zaken zonder dat je daar zelf ook maar enigszins bij betrokken bent geweest. En dat alles omdat één persoon consequent weigert het gesprek aan te gaan.

De voornaamste reden waarom ik in de afgelopen weken verschillende pogingen heb ondernomen om uit deze impasse te komen, schuilt in het belang dat ik hecht aan mijn kiezers. 223 inwoners van de gemeente Kerkrade hebben op 19 maart 2014 mij gekozen om hen te vertegenwoordigen. Hoewel ik als raadslid altijd geopereerd heb vanuit de overtuiging dat ik mijn functie vervul om het algemeen belang te dienen, en daarmee het belang van alle Kerkradenaren dien, beschouw ik het verkregen vertrouwen van mijn directe kiezers als het fundament van de verantwoordelijkheid die ik draag om naar eer en geweten te handelen en mijn uiterste best te doen voor onze gemeente. Zomaar opgeven of weglopen was voor mij daarom nooit een optie. Ik zag en zie het als mijn plicht om alles te proberen om dit vertrouwen en deze verantwoordelijkheid op een goede manier in te vullen en zorgvuldig om te gaan met dit kostbaar goed. Echter met de beste wil van de wereld, zo constateer ik nu, is de onwil bij de anderen niet te overwinnen. In de stad waar jaarlijks ‘de prijs van de dialoog’ wordt uitgereikt, de Martin Buber Plaquette, heb ik moeten constateren dat dit principe niet bij iedereen leeft.

In het bedrijven van politiek hebben voor mij altijd een aantal beginselen centraal gestaan. De hierboven genoemde inzet die voortkomt uit een bepaald verantwoordelijkheidsgevoel, het belang van een rechtvaardige overheid als absolute basis van de democratische rechtstaat maar ook een gemeente die doet wat ze zegt, die opkomt voor de zwakkeren in de samenleving, die nadenkt over de gevolgen op de langere termijn in plaats van kiest voor winst op de kortere termijn en een gemeente waarbij de menselijke waardigheid geen abstract begrip is maar invulling krijgt door ruimte voor ontplooiing te creëren en mensen uit te nodigen en aan te spreken op de gedeelde verantwoordelijkheid die we allemaal dragen voor onze samenleving.

Voortkomend uit een sterk rechtvaardigheidsgevoel, uit liefde en uit compassie heb ik aan deze beginselen invulling gegeven door me vol overgave te storten op de inhoud. In mijn beleving is de politiek de arena waar verschillende inhoud en ideeën strijden en waar op het scherpst van de snede nieuwe oplossingen en compromissen worden gevonden. Dat is de kracht van de politiek. Het is een gezamenlijke onderneming waar niet de politici maar het streven naar een meer rechtvaardige en betere samenleving centraal dient te staan. Politici zijn zelfs inwisselbaar is mijn overtuiging en dit geldt ook voor mij. Ook ik ben inwisselbaar.

Hoewel het tegen mijn rechtvaardigheidsgevoel ingaat en ik nog steeds geen duidelijkheid heb gekregen over de ontstane situatie, vind ik troost in de gedachte dat ik alles geprobeerd heb om recht te doen aan het in mij gestelde vertrouwen.

Mijn eigen principes en mijn liefde voor het CDA als partij, hebben mij, na zorgvuldig beraad, doen besluiten om per 1 januari 2017 te stoppen als CDA raadslid van de gemeente Kerkrade en mijn zetel ter beschikking te stellen aan de partij. Het is mijn overtuiging dat een eensgezind CDA geluid de voorkeur verdient boven een verdere versplintering van de politiek en dat eigen belang geen enkele rol zou mogen spelen bij de keuze om een zetel al dan niet terug te geven. Tijdens de gemeenteraadsvergadering op 21 december a.s. zal ik dan ook afscheid nemen van de gemeenteraad.

Hoewel er sprake is van een eenzijdig conflict met enkele leden van CDA Kerkrade, is er geen sprake van een conflict met de partij zelf. De Christen Democratie is een stroming waar ik hartstochtelijk in geloof en het CDA is groter dan enkele leden uit Kerkrade. Deze gehele kwestie heeft ook niets te maken met het CDA. Al is het spijtig om te moeten constateren dat de normen en waarden waar de partij, en waar ik voor sta, blijkbaar niet door iedereen in acht worden genomen. De suggestie om een royementsprocedure te starten is hier een voorbeeld van. Een royement is namelijk niet bedoeld om te proberen iemand alsnog uit de fractie te zetten als het via de aangewezen weg niet mogelijk is.

Bijna 7 jaar heb ik me vol passie en overgave ingezet voor de inwoners van Kerkrade. Het was een grote eer dit te mogen doen!

Met hartelijke groet,

 

Yannick Lataster
Raadslid CDA Kerkrade”